Lissabon en omg.1

Met nog 2 Nederlanders rijden  we in een dubbeldekker naar Lissabon. We stappen uit in het centrum en gaan lopend verder. Op elk plein vind je een standbeeld van deze of gene. Alle Portugese helden worden vereeuwigd.

Alle namen en geboorte datums worden in het Nederlands verteld maar het gaat het ene oor in en het andere uit.

 

Achter deze prachtige gevel zit een modern station.

Vele oude gebouwen zijn nu banken.

De Elevador de Santa Justa is een ijzeren lift die in de negentiende eeuw werd gebouwd om de Baixa wijk te verbinden met de hoger gelegen Bairro Alto wijk. De gotisch ogende lift is een van de bekendste attracties in het centrum van Lissabon, ook nu staan er weer lange rijen wachtende voor.

 

De triomf boog bij het Praça do Comércio (Handelsplein) was het paradepaardje van de reconstructie, die plaatsvond nadat de aardbeving van 1755 Lissabon had getroffen.
Het geeft nu een doorkijk naar het spandoek van het Eurovisie song festival dat deze avond plaatsvind op het terrein van de Wereld tentoon stelling.
Waarschijnlijk is dat de rede dat het zo ontzettend druk is in Lissabon.

We kunnen de opstapplaats voor de bus niet vinden en dus lopen we weer terug naar de uitstap plaats. We hebben gelopen en laten ons nu verder rondrijden.
We rijden weer langs de Taag richting Belém. Heel lang was de Taag alleen maar over te steken met een veerpont. In 1966 opende de meer dan 2 kilometer lange hangbrug “De Ponte 25 de Abril”, na een bouwperiode van bijna vier jaar. Later is  er een spoorbrug onder gemaakt.

Vanuit de bus kijken we naar het Padrão dos Descobrimentos, een monument ter ere van de Portugese ontdekkingsreizigers die in de 15e en 16e eeuw de wereld hebben verkend. Het bouwwerk is 52 meter hoog en heeft de vorm van een schip met gebolde zeilen.

Op de voorplecht staan 33 prominenten zee vaarders uit de Portugese geschiedenis, Hendrik de Zeevaarder voorop.
Op het plein is een windroos in het plaveisel verwerkt met daarin een wereldkaart waarop de ontdekkingsreizen zijn uitgetekend.

Achter het vliegtuig de Torre de Belém, een verdediging toren aan de Taag. Het bouwwerk is in het begin van de 16de eeuw opgericht om de ontdekkingsreizen van Vasco da Gama te herdenken maar ook als verdediging voor de steeds belangrijker wordende voorstad van Lissabon.
De Toren stond oorspronkelijk op een klein eilandje, ongeveer in het midden van de Taag. Door de aardbeving van 1755 wijzigde de loop van de rivier zich. En met het geleidelijk opschuiven van de oever ligt de toren nu vrijwel 'aangemeerd' aan de kade.

We stappen uit in Belém om Pasteis de Belém te kopen. Overal in heel Portugal koop je deze vanille taartjes maar hier zijn ze het lekkerste. Er staat weer een lange rij buiten de winkel en terwijl Martin alvast een biertje gaat drinken sluit ik me aan in de rij van een meter of 15. Maar het gaat erg snel. Tegenwoordig hebben ze een systeem om de klanten snel te bedienen.

Na het biertje lopen we langs het Mosteiro dos Jerónimos een Hiëronymieten  klooster dat aan het begin van de zestiende eeuw werd gebouwd in een Portugese variant van de gotische stijl. Het wordt beschouwd als een van de mooiste gebouwen van heel Lissabon.
Kort na de terugkeer van Vasco da Gama uit India besloot koning Manuel I een kerk en klooster te bouwen voor de Hiëronymieten orde als teken van dank voor de voorspoed die Portugal ten dele was gevallen. 

Als we weer in Cascais terug zijn is er op het plein een mannenkoor aan het zingen.

Ga door naar de vlogende pagina,
of ga terug naar de
vorige.